Naar het verpleeghuis? Dit moet je minimaal overhouden voor de kapper en cadeautjes
Een verblijf in een verpleeghuis of woonzorgcentrum brengt niet alleen praktische veranderingen met zich mee, maar heeft ook financiële gevolgen. Hoe wordt de eigen bijdrage berekend, welke invloed hebben inkomen en vermogen en hoeveel geld houd je uiteindelijk zelf over voor persoonlijke uitgaven?
Wie naar een verpleeghuis of woonzorgcentrum verhuist, betaalt geen huur of hypotheek meer, maar wel een eigen bijdrage. Hoeveel blijft daarna minimaal over voor kleding, de kapper, toiletartikelen of een cadeautje? Negen vragen en antwoorden. Een bewoner betaalt de eigen bijdrage aan het CAK, niet aan de zorginstelling. Het CAK is een overheidsorganisatie die financiële regelingen in de zorg uitvoert. De bijdrage die je betaalt, is bedoeld voor de zorg, het verblijf en eten en drinken. Hoeveel je moet betalen hangt af van je inkomen, vermogen en je persoonlijke situatie.
- Hoeveel moet je betalen aan een zorgcentrum?
De eerste vier maanden dat je in een zorgcentrum woont, betaal je de lage eigen bijdrage. Die ligt in 2026 tussen 212,60 en 1115,80 euro per maand. Daarna kijkt het CAK opnieuw naar de gezinssituatie. Een alleenstaande betaalt meestal de hoge eigen bijdrage. Blijft een partner thuis wonen, dan geldt vaak de lage bijdrage, omdat de woonlasten nog doorlopen. „De termen lage en hoge eigen bijdrage zorgen nog weleens voor verwarring”, zegt Babs van der Staak van de Consumentenbond. „Een lage eigen bijdrage betekent niet per se dat het bedrag laag is. In 2026 kan dit oplopen tot 1115,80 euro per maand.” De hoge eigen bijdrage wordt op een andere manier berekend en loopt van nul tot maximaal 3061,80 euro per maand.
- Wat is de invloed van spaargeld en beleggingen
Om te bepalen wat de eigen bijdrage is, wordt ook gekeken naar je bezittingen. Spaargeld en beleggingen tellen mee in deze berekening en na een paar jaar telt ook de niet-verkochte eigen woning mee als er geen achterblijvende partner is. De eerste 36.952 euro van een alleenstaande is vrijgesteld. Met een partner is dat 73.904 euro. Alles boven dit bedrag telt mee voor de eigen bijdrage, verduidelijkt het CAK. „We tellen 4 procent hiervan op bij het inkomen. Op basis van het inkomen berekenen we de eigen bijdrage en voor de eigen bijdrage in 2026 kijken we naar het inkomen- en vermogen in 2024.”
- Telt een eigen woning mee?
De verkoop van de eigen woning kan ook effect hebben op de eigen bijdrage. Het CAK kijkt naar het vermogen op 1 januari. Van der Staak: „Verkoop je de woning in 2026 en staat de opbrengst op 1 januari 2027 op je rekening, dan kan de eigen bijdrage vanaf 2029 hoger uitvallen. Soms kan het daarom gunstig zijn om de overdracht van de woning uit te stellen tot na 31 december. Verkoop je de woning in januari 2027 dan gaat de eigen bijdrage een jaar later pas omhoog, dus in 2030. ”
Van der Staak: „Heb je veel vermogen? Dan kan het verlagen daarvan door bijvoorbeeld te schenken op termijn leiden tot een lagere eigen bijdrage. Laat je hierover goed adviseren en zorg dat je voldoende geld achter de hand houdt om ook je toekomstige uitgaven te kunnen blijven bekostigen.”
- Wat moet je minimaal overhouden voor persoonlijke uitgaven?
Wie de eigen bijdrage betaalt, moet geld overhouden voor persoonlijke uitgaven. Bij de lage bijdrage wordt daar rekening mee gehouden in de berekening. Voor de hoge eigen bijdrage gebruikt het CAK daarvoor de zak- en kleedgeldnorm. Dat is geen apart bedrag dat de zorginstelling uitbetaalt, maar een bescherming in de berekening van de eigen bijdrage. „Bij de berekening van de hoge eigen bijdrage trekken wij een bedrag af voor zak- en kleedgeld, zodat mensen inkomen overhouden voor eigen uitgaven”, zegt een woordvoerder van het CAK. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport stelt de bedragen jaarlijks vast. Voor heel 2026 is de aftrekpost in de berekening 4925 euro voor een alleenstaande en 7661 euro voor gehuwden.
- Wat als je geld tekort komt?
Daarnaast hanteert het CAK een harde financiële bodem: het nettobedrag dat een bewoner per maand daadwerkelijk over móét houden op de bankrekening. Voor de eerste helft van dit jaar is die grens 443,76 euro voor een alleenstaande en 690,27 euro voor iemand met een partner.
Van juli tot en met december gaat het om 449,44 euro en 699,11 euro. Waarom stijgt dit per 1 juli? Per die datum stijgt onder andere ook de AOW. Houd je minder over, dan kun je bij het CAK een verzoek indienen om het bedrag aan te passen.
- Wat betaal je zelf in een zorgcentrum?
„Zorg, verblijf, eten en drinken zijn in principe inbegrepen”, zegt Van der Staak. „Het geld dat overblijft, is bedoeld voor persoonlijke zaken. Denk aan kleding, toiletartikelen, de kapper, cadeautjes en andere persoonlijke uitgaven.”
Toch betekent ‘inbegrepen’ niet dat iedere voorziening gratis is. Zorgorganisaties vragen soms geld voor speciale activiteiten of andere extraatjes zoals een televisieaansluiting. Voor sterke drank geldt soms een toeslag en over wijn of bier verschillen de afspraken per locatie.
- Blijft de zorgtoeslag doorlopen?
Mensen die recht hebben op zorgtoeslag, blijven die ontvangen als zij in een zorgcentrum wonen. Controleer dat wel vooraf. Het CAK houdt bij de berekening rekening met de zorgtoeslag waarop iemand recht heeft.
Dat maakt aanvragen extra belangrijk. „Vraag je de toeslag niet aan, dan mis je inkomsten en kan de eigen bijdrage hoger uitvallen”, zegt Van der Staak.
- Wat kun je doen als je inkomen flink daalt?
Is het inkomen inmiddels flink gedaald? Bij de lage eigen bijdrage kan een aanpassing mogelijk zijn als inkomen en een deel van het vermogen in 2026 minstens 3293,60 euro lager zijn dan in 2024. Bij een heel laag inkomen is soms zelfs vrijstelling mogelijk. Op de website van het CAK staat een rekenhulp. Bij de hoge eigen bijdrage is aanpassing mogelijk als er minder overblijft dan de zak- en kleedgeldgrens.
- Wat is de invloed van een thuisblijvende partner?
Bij partners verdient ook de AOW aandacht. De keuze voor een gehuwden- of alleenstaanden-AOW kan gevolgen hebben voor de eigen bijdrage. Laat beide varianten doorrekenen. Partners die door opname niet meer samenwonen, hebben bovendien allebei recht op de alleenstaande ouderenkorting van 540 euro in 2026, ook als zij voor een gehuwden-AOW kiezen. „Dat gaat niet altijd automatisch goed”, waarschuwt Van der Staak.
Tips voor de verhuizing
De Consumentenbond adviseert om vóór de verhuizing naar een zorgcentrum alle vaste lasten in kaart te brengen. „Controleer welke abonnementen kunnen worden opgezegd en welke mee kunnen verhuizen”, tipt Van der Staak.
„Zorgorganisaties sluiten vaak een collectieve inboedel- en aansprakelijkheidsverzekering af voor bewoners. Ga ook na of er andere verzekeringen zijn die opgezegd kunnen worden, zoals een reis-, fiets- of kostbaarhedenverzekering.”
Een aparte leefgeldrekening met een beperkt saldo kan bovendien handig zijn. Van der Staak: „Laat een levenstestament opstellen en geef een DigiD-machtiging af. Daarmee kan de gemachtigde je financiële en digitale zaken regelen als dat nodig is. Een levenstestament is zeker van belang als iemand anders je huis verkoopt.”
Bron: AD, Robert Hüsken

